Gepakt en gegrepen

Het is zover: EK-VOETBALLEN! Behalve toeschouwer is iedere kijker supporter en tegelijk de voetballer zelf: we juichen en barsten samen in snikken uit, we trappen samen de bal, we wijken samen uit, we geven samen een voorzet, we missen allemaal een penalty of maken met z’n allen een doelpunt. Gepakt en gegrepen door oranje!

In de trein van Groningen naar Den Haag en terug lees ik ‘Tweede persoon enkelvoud’ van Sayed Kashua. Gepakt door het verhaal snellen de kilometers onder me door en de tijd vliegt! Ik schiet nog net niet in een kramp om sneller te willen lezen dan wat kan. Even voor Assen heb ik het uit, nog een kwartiertje om te bezinnen wat ik gelezen heb. Hoe ziet de hoofdpersoon er eigenlijk uit? De advocaat in een grote opvallende auto, drinkt te dure wijn, hij zegt boven zijn stand te leven en voegt er meteen aan toe dat het niet anders kan vanwege zijn werk. Hoe zou deze man lopen? Banjerend en doelgericht? Zou de spanning in zijn rechter lichaamshelft hoger zijn dan links of omgekeerd? Ik vraag me af of er fysieke parallellen zijn tussen de verteller van dit boek en de verteller in de trein uit de Kreutzersonate van Tolstoij? Zijn het korte brede of juist tanige magere mannen? Ik weet zelf niet of ik ze wel een echt lijf en een gezicht met ogen geef, terwijl ik lees en ze toch voor me zie.

Het wordt tijd om te gaan kijken naar een voetbalwedstrijd met allemaal echte mensen met ogen en een neus, mensen die zichtbaar bewegen!

                                                                                                                                                                                                             

 

 

Soepel blijven zonder sporten

Mooi weer! We drinken koffie op het Vrijthof van Hilvarenbeek. Veel recreatieve fietsers komen joyeus de hoek om… oei, die mevrouw! Is ze bang om de bocht te nemen? Ze houdt zich zo vreselijk stijf, ze kijkt strak naar de grond en gaat met een veel te royale draai die bocht door. Zou ze lang niet meer op de fiets gezeten hebben? Is ze haar behendigheid verloren? Of zou het aan de fiets liggen? Zo’n moderne fiets, hoog en een te licht draaiend stuur, van het soort dat bijna rond draait als je een beetje van richting wilt veranderen. Was ze misschien wel vertrouwd met een andere fiets? Is ze wellicht toch minder stram en stijf, maar weet ze het niet te benutten?

Dit soort observaties gebeuren spontaan en het geeft inspiratie. Behalve het werk in de praktijk thuis is er ook werk buiten de deur. Op de fiets ga ik dan naar een locatie om praktische dingen, ontstaan uit de dagelijkse praktijk, over te dragen aan een groep geïnteresseerde mensen. Zo ontstond: ‘Soepel blijven zonder sporten’.

Kan dat? Ja, dat kan! Denk eens na over simpele handelingen: hoe doe je iets? Hoe kijk je naar het plafond of naar je voeten als je op een stoel zit? Hoe kijk je achterom? Gebruik je maar een beetje van je lijf of zet je een maximum aan gewrichten in? Waar begin je een beweging? Wat doen je ogen? Zeg je ‘ja’ en doe je toch een beetje ‘nee’? Ben je aan het trekken en duwen tegelijk? Zijn je steunpunten ook rustpunten of zijn ze afzetpunten gebleven? Hoeveel kracht gebruik je? Zou het ook met minder kunnen? Hoe uitgekookt ga je met je beweeglijkheid om? Verantwoorde luiheid wellicht?

Er blijven altijd heel veel vragen over. Vragen, die nog niet gesteld zijn of waar we nog geen antwoord op hebben gevonden… Ik hou van het terrasjesseizoen!

Wandel, trek, reis en kampeer!

‘Wandelen, trekken, reizen, kamperen… ‘ Net als de Duitse naamvallen en onregelmatige Franse werkwoorden blijkt het ouderwetse stampwerk stevig verankerd in mijn brein te zitten. Dit rijtje komt uit het vak Theorie Lichamelijke Opvoeding, kortweg TLO genoemd, een vak uit het 1e jaar van mijn fysiotherapieopleiding. Het komt erop neer dat lichamelijke conditie alleen niet voldoende is, de mentale conditie ‘sterk van binnen’ telt evengoed mee om angsten te overwinnen en zowel letterlijk als figuurlijk op eigen benen te kunnen staan, waar je ook bent op de wereld.


Op reis maak ik altijd tekenboekjes met hier en daar een haastig geschreven stukje tekst, vaak erg slecht leesbaar. Wanneer ik die boekjes nog eens bekijk, dan weet ik weer precies waar ik zat te tekenen en in wat voor stemming ik op dat moment was of hoe lekker iets smaakte.

 

Nu las ik het boek ‘Reis!’ van Sara Kee. Oude herinneringen komen boven, terwijl zij op andere plekken en in een andere tijd op reis is. Het is kennelijk niet zomaar dat het oude rijtje zich even meldt!

‘Nature Morte’

Er is veel bedrijvigheid te zien rond het merelnest boven op het nestkastje. Pa en Ma vliegen af en aan met wormpjes, mijn tuin lijkt een klein paradijsje. Een enorm gepiep, wanneer er weer gevoederd gaat worden. Tot ik op het pad iets vreemds zie liggen: dood vogeltje.

Te klein om het leven zelfstandig aan te kunnen. De andere drie zijn uitgevlogen. Het nest is leeg. Er zijn schilders, die dooie vogeltjes schilderen als ‘stil-leven’ of zoals in de romaanse talen gezegd wordt: ‘nature morte’. Toen ik dit vogeltje zag liggen, moest ik daaraan denken.  Wat me zo verwondert, zijn die uitgevouwen pootjes, bijna net zo groot als het donzige lijfje.

Afgelopen week zag ik in het Drents Museum de expositie Griezelige Perfectie, tekeningen van Ger Siks. Die expositie begint met een anatomische tekening van een foetus in de baarmoeder. Ook van die sprietbeentjes, maar toch in verhouding heel anders. Even stil worden door de bewegingen en het bewegingsloze van de natuur. Nee, geen nature morte, maar stil-even om meteen gecorrigeerd te worden want wij spellen het zo: stilleven!

Spelen in het water

Lekker zwemmen in het warmwater-zwembadje: heerlijk! Wel slome baantjes, op m’n buik heen en op m’n rug weer terug. Omdat een halfuurtjes spartelen dan toch een beetje saai wordt, ga ik kunstjes doen.

Schoolslag, dan een arm uitstrekken in de zwemrichting vooruit, hup een draai en doordraaien. Soms wel zes keer achter elkaar, want het voelt zo grappig! Dan de andere kant om: raar, ik blijf halverwege steken…Geen idee waarom. Wat doe ik anders? Vergelijkend warenonderzoek doen: die andere kant nog een keertje om. Gaat vanzelf. Dan moet deze kant toch ook kunnen. Niet denken, maar de ingezette beweging volgen. Ja! Het lukt! Toch geen idee wat ik doe: drie dagen later gaat juist die makkelijke kant stroef.

Link en rechts in mijn brein weten het kennelijk ook niet meer. Er zit niets anders op dan rustig doorgaan met het vinden van mijn draai, elke keer weer…