Houten paal

De afsluitdijk is een lange rechte weg. Vanuit Friesland zie je links water, lucht en een woud van windmolens. Gaat je blik even naar rechts dan is daar de dijk. 

Op die dijk staat om de zoveel meter een houten paal. Ik vraag me af: waarom?

Het blijken zitpalen voor roofvogels te zijn. Ze kunnen daar rustig op de uitkijk zitten om een muis te pakken. Muizen hollen de dijk uit. Rijkswaterstaat gaat ze met torenvalken, ransuilen en buizerds te lijf.

Laatbloeiers

De betekenis van het woord laatbloeier is dat iemand pas op latere leeftijd laat zien wat er allemaal nog aan talenten verborgen bleek te zijn.

Ik loop door de tuin waarin de tulpen uitgebloeid zijn, de akeleien en azalea’s bloeien. Tot mijn verbazing zie ik ineens twee narcissen in knop.

Letterlijke laatbloeiers! Bijzonder, want dat is tegen alle principes van het veranderende klimaat en de opwarmende aarde. Zou dat dan toch nog meevallen?

Mensentuin

In deze tijd van het jaar is de tuin hier op z’n mooist. Veel tulpen, wilde hyacintjes, de muur vol blauwe regen, lelietjes van dalen in de schaduw en azalea’s in knop.

Ik heb me al vaker verwonderd over hoe indrukwekkend de officiële namen van planten in het latijn zijn. Maar er zijn ook planten die naar mensen zijn vernoemd.

Zo is Prince Charles hier aanwezig, net als Madame Alfred Carrière en Madame Curie. Wat zou dat mooi zijn, een tuin met uitsluitend planten met namen van beroemde mensen. Ben benieuwd naar de gesprekken die dan zouden ontstaan…

Azalea en de shuttle

In de tuin staan drie verschillende soorten azalea’s in knop, variërend van prille knopjes, kleine en grote knoppen. De vorm van die knoppen doet me denken aan de shuttle van badminton.

Zou er een verband bestaan tussen het pluimpje of shuttle van het badminton-spel en deze plant?

Aardig bedacht, maar er is niets te vinden. Het pluimpje was oorspronkelijk een kurk met veertjes en het spel van overspelen was geboren. Ik wacht nu af hoe de knoppen van de azalea’s zich ontwikkelen tot bloemen…

Klassiekers…

Mijn fiets wil ik van het slot doen. Waar is het sleuteltje? Niet in het etuitje. Wat nu? Weg? Terug naar huis lopen voor de reservesleutel? Nog één keertje kijken. Bingo! Uit het andere zijvakje van het etuitje komt het tevoorschijn.

Mobieltje weg! Met een andere telefoon naar het toestel bellen en luisteren waar belt het? Pal naast me. Het zwarte hoesje heeft dezelfde kleur als de bank waar ik op zit. Weet je ook waar mijn bril is?

Klassiekers zijn ook: Heb ik na het strijken de stekker uit het stopcontact gehaald? Is het kaarsje wel uitgeblazen? Staat het pannetje met melk nog op? Het is mooi dat we veel routinematige handelingen perfect doen, maar enige wakkerheid scheelt een hoop paniek!