Conditie

Het jaar is nog pril. Het is een beetje als de eerste schooldag. Een blik vooruit in het niets. We hebben zin om van alles aan te pakken. De een ruimt z’n huis op of ordent z’n administratie, de ander denkt aan zijn conditie. 
Wikipedia geeft aan dat conditie voorwaarde betekent of omstandigheid. Lichamelijke conditie richt zich op het fysieke uithoudingsvermogen.
Soms ben ik verrast over het fenomeen conditie: ik zit op de fiets en mijn benen hebben er geen zin in, traag gaan de trappers rond. Zo traag dat je bijna de lettertjes op de band kunt lezen, terwijl er toch geen tegenwind is. En dan wil ik dat stoplicht nog kunnen halen en hup moeiteloos trap ik door: gelukt! Of ik heb reuze veel zin om naar iemand toe te gaan: als een speer gaat mijn fiets van huis tot huis. Wonderbaarlijk dat ik dan niet hijgend op de stoep sta uit te blazen.
Een ander voorbeeld is dit. Je loopt de trap op en komt hijgend en puffend boven, terwijl eerder of een uurtje later je gewoon boven bent gekomen. Hum… die mooie broek met strakke lijnen laat het niet toe dat je heupen vrij bewegen op de plek waar het ‘scharnier’ zit (de liezen), het draaipunt verschuift naar het middel, de buikwand kan niet lekker bewegen, schouders gaan omhoog en je puft als een stoomtrein.
Nog zoiets: de eerste vakantiedag in een heuvelachtig gebied. Brood halen bij de bakker, de berg op… Maar na drie dagen hijg je minder snel.
Of achterom kijken op de fiets en je zwaait uit naar het midden van de weg; dat kan een teken zijn van beginnende verstijving, je romp draait niet prettig mee.

Als het aanpassingsvermogen niet meer een beetje vlot op gang komt, dan is het tijd om te onderzoeken wat er loos is. Daar komt bij dat we altijd vrolijk worden als het lijf een beetje soepel meegeeft. Niet iedereen is van het hardlooptype, rekken en strekken bij het ramen te lappen is ook een vorm van conditietraining, het ommetje naar de brievenbus of kijken of je op het kleed in de kamer nog die kunstjes van vroeger kunt: al die bewegingen die kleine kinderen doen in het eerste levensjaar om uiteindelijk zelfstandig te kunnen staan en lopen. Heel veel oefenmethoden hebben dat eerste levensjaar als richtsnoer. Ik stel voor om nog eens onder de tafel en stoelen door te kruipen, een vrolijk sprongetje in de gang te doen, gewoon omdat het zo’n kick geeft om je vrij te kunnen bewegen.

 

Reacties

  1. marjo schreef:

    Het is goed te weten dat de draken met listen om de tuin te leiden zijn want ik zit momenteel midden tussen de Aziatische draken. Ik kom over 3 weken weer terug en door deze wetenschap: met veel listen en souplesse.

    Heerlijk om zo’n uitgebreid verhaal te lezen. Ik loop ineens weer anders de trap op!
    Marjo

  2. mieke Pull ter Gunne schreef:

    Ja, Rike, ik ben ook op mijn oude dag (76) aardig bezig met mijn conditie, dacht ik. Gisteren door de kou naar een volgend dorp gefietst voor verse vis van een Volendammer, die daar Woensdags
    staat. En ’s middags naar het centrum van dit dorp naar de
    Bibliotheek. Straks in Oostenrijk klimmen we ook heel wat want
    ons huisje ligt hoog. Ik ben geen klimmer, maar na een paar dagen,
    gewend aan de ijle lucht, (1200 m.) gaat het beter.

    Mieke

Comments are closed.