Jeroen Bosch

Op 3 maart 1847 schreef Victor Hugo: ” Rembrandt hield er niet van dat de mensen zijn werk van dichtbij bekeken. Hij duwde hen met zijn elleboog achteruit en zei: ‘Een schilderij is niet bedoeld om aan te ruiken.’ ”

Op de tentoonstelling van Jeroen Bosch is het druk, niettemin krijg je als bezoeker toch de kans om pal vlakvoor een schilderij te staan en het goed te bekijken. Er is veel te zien en juist alle details vragen om speciale aandacht. Mijn oog wordt geraakt door het paneel met Johannes de Doper*. Een grote in het rood geklede mansfiguur ligt aangenaam op z’n linkerzij, de linkerhand ondersteunt zijn hoofd en hij wijst met zijn rechterhand naar het lam wat beneden┬áhem ligt. De innig tevreden naar binnen gerichte blik op zijn gelaat raakt me.

Soms zie je dat mooie intense, zoals bij iemand die zijn bord niet zomaar leeg eet, maar hapje voor hapje proeft van wat hem voorgezet is. Aandacht bij de handeling, het proeven. Zo zie ik deze gemoedelijke Johannes ook genieten en neemt ons toeschouwers daarin mee via het penseel van Jeroen Bosch.

*Let op bij het bekijken van deze link hoe de andere Johannes letterlijk bij zijn oor gepakt wordt, nog net niet aan de haren meegesleept…